Hep. E virus antistoffen IgG HEPE
Afdeling: Moleculaire Diagnostiek: Hematologie
Staaltype:
serum of plasma (citraat, EDTA, heparine)
Volume:
500
Uitvoering:
2 x in de week, in de regel op dinsdag en donderdag
Methode:
Chemiluminescence immunoassay (CLIA)
Techniek:
CLIA
Toestel:
Liaison XL
Opmerkingen:
1x per week uitgevoerd
Aanrekening:
551655 (551655 - 551666 B 250 Bepaling van antistoffen tegen virussen, andere dan die waarvoor een specifiek nomenclatuurnummer is voorzien, per test (Maximum 8) (Cumulregel 328) Klasse 13)
| Cumulregel 328: | maximum acht van de volgende analyses per analyseaanvraag: hepatitis A IgM, hepatitis B surface antigen, hepatitis Be antigen, hepatitis B surface antilichamen, hepatitis Be antilichamen, hepatitis B core antilichamen, hepatitis C antilichamen, Cytomegaal-virus IgG, Cytomegaal-virus IgM, Cytomegaal-virus CF, Varicella, Mononucleose (Paul & Bunnell), Epstein Barr Virus IgG, Epstein Barr Virus IgM, bof, Rubella IgG, Rubella IgM, mazelen, Picorna, adenovirus, herpes, Influenza A, Influenza B, Respiratoir Syncitiaal Virus en Humaan Immunodeficiëntie Virus |
Detailinformatie:
Accreditatie:
Nee
Validatiedossier:
Ja
Referentiewaarden:
| Geslacht | Leeftijd (van - tot) | Referentie waarde | Eenheid |
|---|---|---|---|
IgG (HEPE): <0.30 IU/ml = non-reactive IgG (HEPE): >=0.30 IU/ml = reactive |
Verantwoordelijke:
Prof. dr. E. Padalko